vrijdag 27 september 2013

Een poging tot Agnes


Mijn drankheldin is Agnes, die al sinds eind jaren 80 probeert om wijn en Arthur te vermijden, en dan toch een paar keer in de week éven in de kroeg gaat kijken of het daar nog wel gezellig is.
Ze is er een kei in om vol overgave toe te geven aan haar zwaktes. Dat bewonder ik het meest in haar: er is geen sprake van half werk.

Woensdagmiddag liep ik de trappen van een groot pand af en dacht: wat nou als ik Agnes was?
De gesprekken die ik had gevoerd hadden me van mijn stuk gebracht. Ik kon er simpelweg niet de vinger op leggen wat zojuist gebeurd was.
Murw van de dikke wolken die om mijn brein hingen dacht ik “Het is goed, ik ga niet alleen grappen maken over onbegrip verzuipen in de kroeg, ik ga het doen ook!"
In Mulder was het nog leeg. Peter achter de bar, Floris op straat, ik in de etalage zoekend naar een stuk papier om woorden op te zetten.
In het glas koos ik voor een simpele Sauvignon. Op de middag drinken in de kroeg moet je niet overdrijven door duur te gaan doen. Dat deed Agnes ook alleen maar als ze gefêteerd werd.
De woorden in mijn hoofd dansten al iets kalmer toen er een man met dozen binnenstapte.
Meer witte wijn, betere wijn: de Viognier.
Wijnhandelaar Meester en Peter vertelden mij en elkaar wat ze vonden van de regelgeving rond Australische wijnen, wat niet zo best was, en over geënte druiven en irrigatie en Frankrijk. Ik knikte flink met mijn mistige hoofd en schreef het adres van Meester's online winkel op mijn papiertje. Als hij een fysieke winkel had gehad was ik daar beslist eens langsgegaan, al was het maar om hem te horen vertellen. Nu bleven zijn woorden een beetje in willekeurige volgorde tegen de wolken aanstoten.
Peter schonk me een bodempje in van de rode wijn van Meester. Gewoon, om te proeven.
Aards, vond ik het, en gevaarlijk lekker. Een wijn die smaakte naar herfst en open haard en een boek en uren Vermaak Met Meer Wijn.
Dus doe me maar gauw weer een Sauvignon, anders word ik nog dronken, gebaarde ik met mijn rechter wenkbrauw.

Floris kwam terug van boodschappen doen, nieuwe klanten kwamen binnen en de jazz werd iets harder gezet.
Het gesprek in het grote pand die middag viel zoetjes op zijn plek. De rol die we tot dan toe hadden ingenomen, en hadden moeten innemen, was veranderd. Het is fijn als ineens een capabel persoon op de juiste plek zit, het is wrang als die persoon je daar op moet wijzen.
Ik was er uit.
Ik rekende de wijntjes af en haalde mijn man op van zijn werk.
Ik ben een Agnes van niks.


dinsdag 10 september 2013

Regen op dinsdag


Ik maakte een rondje door de regen.
Eerst naar de bank voor een nieuwe e.dentifier. God wat een grappige naam. Als van deze de batterij het maar wel doet.
Daarna naar de Hema. De koffiebonen verwachten ze donderdag weer.
Toen naar de apotheek. Ik was de enige, op iemand die naar zijn schoenen staarde na, dus meteen aan de beurt. Het ligt klaar, alstublieft, dank u wel.
Vervolgens naar de Etos voor een verjaardagsschoonheidspakket voor mam. Ook daar was het rustig. De verkoopster bood aan alle kadootjes in te pakken, ik wimpelde dat af want ik vind het altijd zo tijdrovend, maar ze drong aan, schetste een beeld van één mooi groot pakket en er was toch geen kip in de winkel, behalve de mevrouw naast mij die door de andere verkoopster geholpen werd. Goed dan maar, pak maar in.
“Wat een afschuwelijk weer hè na die hitte van vorige week!” begon mijn verkoopster al vouwend en scheurend een suf gesprek.
Mijn mede-klant en ik keken elkaar eens aan.
“Goed voor de tuin,” zei zij.
“Perfect weer om met een fijn boek en een kop thee op de bank te zitten,” zei ik.
“Dat u daar zo positief over kunt zijn,” zei mijn verkoopster.
En daar viel dan weer niets tegenin te brengen.
Tot slot bezocht ik oom Albert waar mijn paraplu vlak voor de kassa uit zijn handvat gleed.
We eten vanavond soep met dik belegde baguettes.
Ik denk dat ik er een glas wijn bij neem.


Foto (concept en model): Anna van der Veen