Posts tonen met het label vrouwen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vrouwen. Alle posts tonen

31 oktober 2018

In volle vaart

De blogs waar ik het meest van houd zitten vol vaart, net als mijn favoriete podcasts. Ik ben een consument van de snelheid. Niet te snel natuurlijk, ik ben wel 52. Gisteravond zaten we bij een Cinemadiner in het Forum, met andere vijftigers. Nooit zie je twee mannen aan een tafeltje, beetje genieten van een leuk uitstapje onderwijl bijkletsend over hun leven en werk en die boeken die ze maar niet uit krijgen. 
Ze zijn er wel, maar verscholen achter een vrouw, met zijn tweeën achter twee vriendinnen, enfin ik ga er eens beter op letten of de man ook uithangt waar ik verpoos en of dit gendergevoelige zaken zijn.

De film die onder het eten werd vertoond was A casa tutti bene. Sommige mensen aten echt in het donker omdat de film blijkbaar een strak tijdschema had en het licht direct na het uitserveren van de soep en daarna ook van het hoofdgerecht baf uitging, wat bij het hoofdgerecht wel fijn voor ze was, lijkt me, want dat was een raar ratjetoe van ingrediënten: gnocchi, courgette, champignons, spinazie en gamba's.
Deed me eraan denken dat ik laatst zalm met pecorinokaas kreeg. Ik geloof niet dat ik een snob ben, maar vis en kaas moet je toch echt niet samen serveren. Net zomin als grote garnalen gooien op aardappelgnocchi in tomatensaus. Ik wil wel melden dat de amuse van chorizokroketjes en toast met ei en Parmezaan, en de soep van zo'n vergeten groente waar ik even niet op kan komen en dit is geen grapje, en het nagerecht van appelcake met allerlei frisse toevoegingen werkelijk verrukkelijk waren.

Italianen in films spreken supersnel. De familie van gisteravond was ook nog eens groot in getale en deed er in het begin totaal geen moeite voor om uit te leggen wie wie was. Het kwam langs maar, zoals een loge opmerkte: het zal allemaal wel, dat ga ik echt niet onthouden. En inderdaad, zodra ik dat losliet onthield ik alles. Ook dat de vrouwen in deze familie degenen waren die overal een drama van maakten. Het zal wel een man zijn, die regisseur, dacht ik nog en dat heb ik na afloop niet eens gecheckt.
In The Buried Giantvan Ishiguro dat ik laatst las stonden ook twee knoeperds van manuitglijders. Ach ik wil het er niet eens meer over hebben.

Wie weet nog een paar lekkere snelle blogs voor me om te volgen?



14 oktober 2013

Voor de hele familie


“Maar wat als Ward volgend jaar meedoet en hij houdt het niet vol?” vraagt mijn nichtje Anna als ik met haar naar de start van de 4 mijl dribbel.
Ik heb geen idee. Mijn hoofd staat naar hele andere dingen, zoals zo snel mogelijk bij de kledingwagen zien te komen om mijn en haar tas af te geven. Over de vaardigheden van mijn neefje van 5 kan ik me dit jaar nog niet druk maken.
Ik waai het beeld weg en spoor Anna aan een tikje sneller te dribbelen.

Bij de kledingwagen proppen we joggingbroeken en windjacks in onze tassen. We geven ze af en zoeken dan ons startvak op waar ik op mijn gemak wil kunnen rekken en strekken.
Allebei hebben we een luxueus 8000-nummer gekregen. Anna omdat ze vorig jaar de snelste tijd had van meisjes 13-18 jaar en daarom dit jaar was UITGENODIGD voor de 4 mijl, en ik omdat ik aan de clinics heb meegedaan. Ik ben echt blij met die clinics. Je leert veel, traint verstandig, krijgt een startbewijs en mag ook nog eens vooraan bij de recreanten starten.
Als er een hek opengaat omdat een eerdere groep mag starten, springen we met 1.000 man een stuk naar voren.
We rekken, strekken, dartelen heen en weer, en proberen elkaar de zenuwen uit het hoofd te praten door bekenden te begroeten en een vreemde man te vragen hoe het GPS horloge werkt dat Anna van mijn zus om haar pols gegespt heeft gekregen.
Er opent weer een hek en wij dribbelen weer opgetogen 200 meter verder richting start.

“Wat ken jij veel mensen!” zegt ze nadat ze zelf iemand van haar zwemteam heeft toe geroepen en vlak voor ze een klasgenote enthousiast schouderduwtjes geeft.
Dat is waar. We staan een beetje samen populair te zijn in ons vak, wat ik een fijne manier vind om de spanning in bedwang te houden.
Ik wijs Anna op een meisje uit mijn clinicgroep dat vorige week nog een tijd van 28 minuten neerzette.
“Haar moet je volgen,” zeg ik. “Zij weet hoe je een race op moet bouwen en als je dit jaar 26 minuten wilt lopen kun je haar na 4 kilometer gewoon voorbij lopen.”
Dat lijkt me verstandig tante-advies. Wij zijn geen familie van keuvelend meedoen voor de gezelligheid. Persoonlijke records willen we breken! Het verleden willen we verpletteren! En waar mogelijk onze oude zelven schaterlachend inhalen.

In het echte startvak aangekomen loopt Anna van me weg, naar voren. Ze hangt haar poncho aan het hek en zwaait nog even vrolijk achterom. Dan houdt zij, en ik en iedereen om ons heen, geconcentreerd de vinger klaar boven de startknop van mobiel en horloge.
Ik weet niet eens of er een fluit klinkt, een pistoolschot of hoorngeschal, ik weet alleen dat ik vanaf dat moment 37 minuten lang aan niets anders kan denken dan aan hoe heerlijk het is om hier in de zon te lopen, dat ik een trance-cadans heb gevonden en hoe ik voel dat ik eigenlijk nog veel harder kan maar dat nog even niet doe.

Anna evenaart nèt haar PR niet en keert zich per direct van het hardlopen af. Volgend jaar begeleidt ze haar kleine broertje wel tijdens zijn 4 mijl debuut, zegt ze in de bus terug.
“We zullen zien,” zeg ik, en geef haar de helft van mijn banaan.
We zullen zien.


2 juli 2013

High


Gisteravond werd ik van het ene op het andere moment overgenomen door de runnershigh.
Mijn lichaam was weg, mijn gloeiende hoofd, het zweet op mijn rug, mijn trekkende hamstrings en de vastgeplakte zenuw achter mijn linkerknie kon ik me niet meer herinneren.
Ineens was alles anders en wist ik dat hardlopen voor altijd mijn enige echte natuurlijke beweging is. Ik gleed er gewoon zoetjes in, in dat gevoel van eeuwigheid.

De inspanning van de afgelopen 13 trainingsrondjes gleed weg en ik zag niet langer op tegen de langste en zwaarste rondjes die nog moesten komen. Op het allerlaatste pad versnelde ik zelfs zonder enige moeite.

We zijn 5 nieuwelingen in een bestaande loopgroep waarin ook geharde triatleten zitten. Niveaubepaling is nog lastig dus houden we ons wat afzijdig in de verwachting dat óf acceptatie óf assimilatie vanzelf zal volgen.
Gisteren liepen mijn vriendin met de woeste krullen en ik de “Running the Stars“ training met een vrouw die vanaf de 4 mijl bij de groep was gekomen. Niet dat we veel praatten, maar we weten nu wel hoe ze heet. En dat wij sneller zijn.
Ik ben nog steeds zo high als wat.


10 juni 2013

Twee PR's


Ik dacht “Kip, ik heb je,” toen ik ingehaald werd door een vrouw met een fijn tempo. “Jij bent degene bij wie ik ga aanhaken en met wie ik samen over de streep zal komen.”
We waren 3 kilometer op weg, iedereen had zijn plek in de rij ingenomen en de eerste van de vier rondjes zat er op.
Ze droeg een blauw shirt, zag ik vanuit mijn ooghoeken, en had heel lang donker haar met hier en daar een grijze highlight.
Onze voeten sloegen in hetzelfde tempo op de weg, onze armen bewogen synchroon langs onze lichamen.
Mijn nieuwste beste vriendin en ik namen de 2 vrouwen voor ons als hazen.
Op 4,5 kilometer verloor ze wat tempo, ik liet me iets zakken zodat zij gemakkelijk weer kon aanhaken, en daarmee hadden we de grootste inzinking van de middag achter de rug.
“Zullen we dat gat dichtlopen?” vroeg ik haar na 6 kilometer toen onze hazen er vandoor gingen. Het was het eerste wat ik tegen haar zei. Zo gek, want we waren al een heel rondje een team.
Met haar glimlach kwamen we in gesprek.
“Hoe lang loop je al?”, en “Is dit de eerste keer dat je meedoet met de Ladies Run?”, werden door haar beantwoord zonder te hijgen.
Twee jaar geleden had ze haar laatste operatie gehad.
Ik wierp een blik op haar borsten, die er niet meer zaten.
Om de kans op osteoporose te verkleinen had de arts haar aangeraden na de chemo te gaan hardlopen, wat ze meteen had opgepakt en waar ze erg van was gaan houden.
Haar borstkanker was erfelijk, ze maakte zich zorgen om haar twee dochters. En ze moest bekennen, zei ze wat beschroomd, dat ze ook liep voor haar nichtje die vorige week was overleden aan dezelfde ziekte. Je weet maar nooit of ze iets aan die gedachte kon hebben, waar ze ook was.
“En jij?” vroeg ze, “Loop jij ook voor iemand?”
Ik keek naar het roze shirtje dat schitterend om mijn C cup spande.
“Ik hou gewoon van hardlopen,” zei ik. En ik besloot om voor mijn nieuwe beste vriendin onze beide PR’s aan diggelen te lopen.


7 juni 2013

Ladies Run


Had ik al verteld dat ik zondag mijn tweede 10 kilometer ooit ga lopen?
Ik word wat gehinderd door een blessure en een dreinende griep, maar ik zál 4 Ladies Run-rondjes lopen van de Grote Markt naar de Westerhaven, via het Zuiderdiep en de Brugstraat.
Het is de eerste grote Loop van de zomer, met als malle eigenschap dat alleen vrouwen mee mogen doen. Ik heb daar verder geen mening over.

Omdat ik na bijna een jaar hardlopen nog steeds snelheid mis, gaf ik me op voor de clinics (die ik training noem om vergissing met die jaren 80-vinding uit de Arie Selinger-volleybalwereld te voorkomen).

De eerste training viel me tegen. Qua sociaal gedrag dan. Van de Loopjes waar ik het afgelopen jaar aan mee heb gedaan ben ik gewend dat hardlopers erg sociale mensen zijn. In de kleedkamers praat je over het parcours, de temperatuur, de Loop van de maand ervoor en het nieuwste loopgadget. Gewoon, met willekeurige vreemden over je hobby kletsen.
De clinic-vrouwen praatten niet, behalve met hun eigen vriendinnen en dan ook nog eens over hun kinderen. Tijdens die eerste training kreeg ik op mijn vragen soms niet eens een antwoord, er was iemand die het uitlopen per se niet naast mij wilde doen en naar haar vriendinnen sprintte zodra ze de kans kreeg, en ik hoorde hoe de snelste vrouw uit de groep smalend ‘haantje’ genoemd werd.
Nee, dat beviel me niks. "Vrouwen zijn nare, rare wezens," riep ik thuis tegen de Huisschilder.

Plan: Ik zou alleen maar voor mijzelf gaan en me concentreren op mijn eigen benen tijdens de climaxloopjes, heuveltrainingen en hartslagsprintjes.
Natuurlijk lukte dat niet. Alsof ik mijn Twentse grapjes voor me kan houden! Ik kon mijzelf ook wel slaan om die eeuwige nieuwsgierigheid. “Hoe heet jij eigenlijk?” was een van mijn lievelingsvragen, naast “Doe je vaker mee aan Loopjes?”.
Ik was niet de enige. De vrouw met de pet kletste honderduit tegen iedereen, de vrouw met de kniekousen vertelde ook graag en het evenbeeld van Ireen Wüst kon er ook wat van. Als iemand haar bij kon houden tenminste.
De vrouw met de woeste krullen liep altijd naast me bij het in- en uitlopen, uiteraard nu voor eeuwig mijn nieuwe beste vriendin.

De katten vielen langzaam uit de boom, en voor ik het besefte was die onwennige vrouwengroep zomaar een leuke hardloopgroep geworden.
De laatste training begon en eindigde met belangstelling van anderen voor de blessure die ik vorige week had opgelopen, we dichtten tijdens het lopen gaten in de rij, moedigden hijgend iemand aan die het bijltje er 2 minuten voor het einde bij neer wilde gooien, legden elkaar de aanpassingen van de laatste Runkeeper-update uit en vergeleken tijden en dure GPS-horloges.
Gewoon, alsof we met trainingsgenoten over onze hobby kletsten.


2 januari 2011

De Taartenclub

Soms heb ik van die geweldige ideeën die ik niet vertel en waar ik niets mee doe, omdat ik het gevoel heb dat ze zomaar uiteen spatten als ik er alleen maar naar kijk.
IMG_0269Of ze vliegen langs en ik kijk te laat op om ze goed te kunnen zien. Of ik denk dat het toch niets wordt. Of, of...

Natuurlijk wil ik hier vertellen over dat ene idee dat laatst wel iets is geworden: mijn eigenste heerlijke Taartenclub. Op mijn verjaardag zat ik ’s ochtends met een paar vriendinnen aan de keukentafel verjaardagstaart te eten. Vreemd genoeg kenden ze elkaar niet, terwijl ze ongeveer van dezelfde leeftijd zijn, kunstenaar zijn en veel dezelfde vrienden hebben.

Ik vond het heerlijk, de dames vonden het geweldig en het idee om dit zomaar te herhalen sloop stiekem mijn keuken binnen.
Waarom niet? Met een paar vrouwen om de keukentafel taart eten. Zo gek is dat toch niet?
Ik stelde een lijstje samen van vrouwen die ik wel eens met slagroom in de mondhoeken wilde zien, en nodigde ze uit. Het waren net 10 kleine negertjes. “Ja leuk!” zeiden ze allen en zegden daarna één voor één af.
Wat doe je dan met zo’n idee? Was het dan toch een voorbijvliegertje?
Had ik deze beter kunnen doorgeven aan iemand anders? Of, of...
Het kon me eigenlijk ook niks schelen, ik wilde die Taartenclub hebben!

Ik koppelde het aan Yule. Ik mag graag dingen koppelen en al helemaal aan heidense voorlopers van kerst waarbij al het eten opgegeten dient te worden dat het einde van de winter toch niet kan halen.
En ik nodigde zo ongeveer de hele verlanglijst uit. Kon mij het schelen. En toen kwamen ze bijna allemaal. En ze brachten geschenken en taart en lekkers en aten het op enkele kruimels na allemaal op. En ze bleven en praatten en lachten en vertelden en luisterden en een enkeling bluste haar opvliegers met een shaggie in de tuin.
Sommigen kenden elkaar. Van naam of van het laatste kunstwerk (een van de dames had onlangs ergens een kerstboompje geplaatst) of de laatste column of dat laatste boek of die laatste voorstelling. Sommigen waren stil op enkele wijze woorden na, sommigen hadden het hoogste woord.

Ik heb de rest van de dag vol adrenaline rondgelopen. Wat een feest, wat een bijzonder feest! Soms moet ik een idee blijkbaar gewoon vasthouden en koesteren.
Me niet van de wijs laten brengen door 10 kleine negertjes maar vertrouwen op de taartzucht van vrouwen die vrijelijk kunnen citeren uit Joop ter Heul, taartjeseetster bij uitstek.