Posts tonen met het label boeken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boeken. Alle posts tonen

11 november 2024

Bibliotheekje spelen


 Ik zoek de boeken van Paul uit. Het is hartverscheurend om in de dozen die ik open zijn leven tegen te komen. Wat hij heeft bewaard en verzameld en belangrijk vond.

Ik heb 10 dozen gedaan, 20 te gaan.


8 juli 2020

Invloed

Truman Capote was een manipulatief mannetje, lees ik in mijn nachtboek Swan Song.
Schrijfster Kelleigh (...) Greenberg vertelt over de high society in New York waar hij zijn grootste vriendinnen heeft die hij op een gegeven moment belazert door hun geheimen, nauwelijks verhuld als essays, te publiceren. De dames nemen daarna afstand. Maar tot die tijd oefent hij aan alle kanten zijn invloed op hen uit.

Ik werd om half 6 wakker en opende dat nachtboek bij een scene waarin Slim Keith, een van Trumans vriendinnen, met haar goede vriendin Lauren Bacall (wat een wereld) in Parijs is en onder haar ogen ziet gebeuren hoe haar man wordt ingepalmd door ene Pam Churchill die we natuurlijk niet mogen.
Twee hoofdstukken later, als Pam inmiddels is getrouwd met de man van Slim, nodigt Truman al zijn Swans uit voor de lunch, met de bedoeling om Pam voor schut te zetten. In mijn ogen een nare en niet gelukte actie, waar de boekpersonages, gelukkig maar, anders over denken.

Het eerste uur dat ik op ben, een was in de machine gooi, koffie in het filter smijt en stampvoet omdat ik mijn bril niet schoon krijg, dat uur waarin ik wacht tot Cor beneden komt en een fout woord gaat zeggen, ik de buien buiten al weer zie hangen en mijn Morning Page-notitieboek verfoei om de slappe kaft, is een heel stom uur.
Ik schrijf het een paar keer in hoofdletters: STOM STOM STOM.

En het allerstomste is dat Leland Hayward zomaar die prachtige Slim verlaat voor een doos, een muts, een taart. We lachen boven de krant als ik dat eruit brul en er zelf van schrik.
Mevrouw Greenberg heeft me op een verkeerd been de dag in gemanipuleerd.



30 maart 2014

Dief

Van Der Velde opent vrijdag de boekendeuren in de Guldenstraat.
Ik zie andere gezichten achter de kassa’s, maar zeker weten doe ik dat niet.
Het oude personeel van Polare/Selexyz-de Slegte/Scholtens-Wristers bestaat uit 20 man sterk heb ik ergens gelezen, en omdat ik doorgaans maar 1½ boek in de maand koop ken ik ze ook niet van naam, behalve natuurlijk Peter.
Boven groet ik Barthold en zijn dochter en vind ik een Dave Eggers die ik nog niet heb en een Agatha Christie die ik ook nog niet heb. Die laatste moet ik checken op het lijstje dat ik in mijn Dropbox heb staan.
Ik duik ook de kelder in waar alles 50% afgeprijsd is. O wat hoop ik dat deze introductie van Van Der Velde nog even voortduurt want ik kan niet alles in een uurtje op de vrijdagmiddag aanschaffen.
De kassadame op de begane grond zegt “Acht euro alstublieft”, ik zeg “Wat zeg je nou?”, ze zegt “Vindt u dat te veel?”, ik zeg “Nee! Maar ik heb deze boeken van boven, niet uit de kelder!”, ze zegt “De korting geldt voor de hele voorraad. In de hele winkel”.
Ik baal meteen dat mijn pasje al in het apparaat zit, want het liefst koop ik dan toch maar meteen de rest van de winkel. Aan de andere kant nadert het eind van de maand en ik moet ook nieuwe schoenen hebben en veel diesel voorschieten met mijn nieuwe klus en al dat soort dingen dus ik mompel wat tegen haar en pak het tasje aan dat ik in mijn verwarring niet heb geweigerd.

Buiten staar ik even naar mijn fiets, draai me om, en besluit mijn aarzelen binnen voort te zetten.
Ik staar naar de kassadame. Had ze nou gezegd tot wanneer die actie duurde? En was het echt waar? Ik probeer haar blik te vangen maar ze is uiteraard druk bezig.
Ik kijk naar de uitgestalde boeken en koop in mijn hoofd vast de laatste Murakami (of zal ik toch gaan zoeken naar zijn “Kafka on the Beach”?), en ik denk aan die twee boeken verderop die ik al eerder in handen had.
Dan zie ik hoe de man in een rode blouse achter de rechter kassa mij vorsend aankijkt.
Ik voel me betrapt en direct schuldig dat ik überhaupt twijfel over de aankoop van boeken. Geschrokken loop ik weer de winkel uit. Weg van die Vreselijk Verleidelijke Snoepwinkel. En dan realiseer ik me dat de man in zijn rode blouse niet helderziend is en mij niet kan veroordelen over het kopen van te weinig boeken.
Hij dacht dat ik uit stelen ging.
Ik voel me licht vernederd, en ook boos. Hoe kan iemand dat nu van mij denken?
En is dat dan niet een rare manier om je als boekendief te gedragen?
Uit wraak kom ik nooit meer terug.

De hele week niet.

21 september 2012

Interactief lezen


Ik blijk tijdrovend te lezen.
Maar dat wist ik pas toen ik een vriendin vertelde hoe ik dat doe.
We hadden het over de geneugten van de iPhone, en waar ik hem allemaal voor gebruik.
"Lezen natuurlijk," zei ik. Maar dat moest ik uitleggen.

Als ik een Wallander lees ligt mijn telefoon naast me en heb ik de app Kaarten open gezet. Ik volg Wallander namelijk in zijn speurtochten van Ystad naar Skurup, en als Mankel schrijft dat hij een half uur over die rit doet dan ga ik dat na. Ik test de schrijver niet eens, ik wil alleen maar die route afleggen omdat ik mijzelf tijdens het lezen identificeer met Wallander. In zijn laarzen loop en in zijn auto rijd.

Als ik in de biografie van Steve Jobs lees dat er geweldige commercials zijn gemaakt in de begintijd van de iPod, dan zoek ik die op bij YouTube en bekijk ik meteen hoeveel fans er dingen in elkaar hebben geknutseld met die silhouetten met hun witte oortjes.
De wereld is zo dichtbij, ik kan met alles meeleven, meevoelen en meegaan.
Iemand hoeft maar een minieme verwijzing te geven naar een historisch wiskundig probleem en hup, daar komt Gödel-Escher-Bach uit de boekenkast.
Natuurlijk is het tijdrovend, en natuurlijk is het helemaal nergens voor nodig.

Ik maak niet alleen gebruik van apps en internet maar ook van mijn eigen reisboekencollectie, de Dikke van Dale en de kennis van anderen.
Er wordt een film genoemd en hoppa, open gaat die IMDb app.
Een beschrijving van een straat in Rome? Tsjakka, daar is Google Maps 3D!
En die alinea lijkt toch wel erg veel op wat Dinges laatst schreef op Facebook! Even checken.

Het is onbedwingbaar en ik weet niet waarom.
Mijn vraag is nu natuurlijk wel: ben ik hierin één van de weinigen?
Ik kan het me namelijk niet voorstellen.
Maar ik kan het ook niet opzoeken.
Of beter gezegd: hier is eindelijk iets dat ik niet op WIL zoeken.
Want wil ik wel weten of anderen ook bijna, dus nog niet echt natuurlijk, muziek opzetten die in een boek wordt genoemd?
Ik dacht het niet. Of wel, maar dan vind ik het wel graag terug in een of ander opslagsysteem.


8 juli 2012

Subtiele kunst


Voor we weggingen had ik een vest in mijn tasje gestopt, bovenop mijn boek.
Ik neem graag boeken mee, want je weet maar nooit wanneer ik niets te kijken heb of wanneer ergens geen internet is zodat ik niets te kijken heb op mijn telefoon.

Gisteren gingen we kunst kijken.
Studenten kunstacademie studeerden af en lieten hun examenwerk zien op een aantal locaties in Stad. Lekker losjes verdeeld in en rond het centrum. Fietsbaar, toegankelijk en genoeg uitpufcafés langs de route.
Het zou een festival kunnen zijn als de productie beter was geregeld en niet over tig mensen verdeeld, maar blijkbaar werkt dat niet zo in een onderwijssysteem.

Binnen liepen docenten feliciterend rond en stelden vragen als “Wat ga je nu doen?”
Een student antwoordde: “Een baantje zoeken zodat ik verder kan met mijn werk.”
Dat vond ik een mooiere zin dan ik tot dusver in mijn boek was tegen gekomen.


21 april 2012

Boeken Crush

Na het lezen van het magistrale “Making History” van Stephen Fry liep ik deze week nog een tijdje door huis “O, o, o” voor me uit te stamelen en met mijn hoofd te schudden uit ongeloof en bewondering.
Dat heb ik met sommige boeken.
Die lees ik met kloppend hart en zo snel mogelijk. Ze gaan mee naar wc, tandenpoetsen, koffie zetten en aan- of uitkleden.

Ik weet niet of het goede boeken zijn, ik weet wel dat echte O-o-o-boeken 20 jaar na het lezen nog steeds diepe gevoelens bij mij oproepen.

Afgelopen zomer had ik er ook al één: “Bonita Avenue”.
Al “o, o, o,” fluisterend liep ik over de camping. Grote ogen van wanhoop. Het is uit. Het komt nooit meer voor de eerste keer binnen. Maar o, wat een wereld ben ik ingezogen geweest.
Wát een wereld!

Het punt is nu dat ik het allerliefst alleen maar O-o-o-boeken wil lezen, en er tegelijkertijd voor vrees dat ik dat niet aankan.
Hartkloppingen, om de 20 pagina’s naar de man roepen dat het briljant is (maar dat vervolgens niet in detail kunnen delen omdat hij het nog moet lezen), tijdgebrek, slaapgebrek, in een andere sfeer leven.
Het lijkt wel verliefdheid.
Of nee, dat is niet waar: het ís verliefdheid.
Op de geest van een schrijver en zijn verhaal.

Ik ben helemaal niet verliefd geworden op de schrijver Peter Buwalda, wist niet hoe hij er uit zag en had er ook geen enkele behoefte aan dat te weten te komen.
Op Dave Eggers ook niet, toen ik in 2000 zijn “Hartverscheurend Verhaal over Duizelingwekkende Genialiteit” las, en ook niet op Oriana Falacci nadat ik “Een Man” in 1991 in 3 dagen had uitgelezen.
“Zen and the Art of Motorcycle Maintenance”, “Een Zoon van het Circus”, “Mists of Avalon”, “Het leven uit een Dag”. Indrukwekkend, bepalend, gekmakend geweldig.
En op dezelfde manier opwindend als de serie “Een Schitterend Ongeluk”.

Van de meeste schrijvers van die O-boeken wil ik helemaal geen tweede boek lezen.
Ik wil niet dat zij hun taal en geest gebruiken om een ander verhaal te vertellen dan dat waar ik zo verliefd op geworden ben. En ik wil ook niet dat ze mij teleurstellen met een ander boek.
En ik wil al helemaal niet dat in een ander boek hun persoonlijkheid meer voelbaar wordt en te nadrukkelijk aanwezig is om het verhaal nog te kunnen opnemen.
Schrijvers moeten van hun boeken afblijven. Daar komt het eigenlijk wel op neer.

Ja, krom, ik weet het.
Zeker als je bedenkt dat ik van Stephen Fry gisteren wel meteen een paar andere boeken heb gekocht bij Bol.
Ze komen woensdag. Ik reken er op dat het stuk voor stuk O-o-o-boeken zullen zijn.
Of op mijn minst Sjonge-jongejonge.
Had ik al eens verteld van Sjongejongejonge-boeken?