Posts tonen met het label oogarts. Alle posts tonen
Posts tonen met het label oogarts. Alle posts tonen

25 april 2024

Schuld

 Ik geef het boek Hersenschorsing van Margôt Ros de schuld. Ik leefde mee met haar immense hersenschudding, en prees mijzelf vooral gelukkig dat ik het niet zo erg had. Gaandeweg realiseerde ik me dat ik meer herkende dat ik wilde. Ik ben al aan het rennen terwijl ik het liefst alleen nog maar kruip. Ik geef me niet over aan rust, ik sta nog steeds niet toe dat het allemaal niet lukt, ik stapel er elke twee weken een half uurtje werk bij en ik merk dat ik steeds minder doe, behalve aanwezig zijn.

Daar ben ik tegenwoordig erg goed in: een bureau bezetten en dat 'aanwezig zijn' noemen. Wat het werk naar maakt is de kwestie van de houdbaarheidsdatum. Ik ben er, maar ik doe niet meer mee. Dat merk ik in het feit dat iedereen een fruitmand krijgt bij een verkoudheid, maar ik niet bij een griep, of een hersenschudding. Of dat Marijke zegt: laten we Sjoerd een lief kaartje sturen voor zijn verjaardag want hij heeft een heftig jaar achter de rug. Of dat er geen mens zijn hoofd eens om de deur steekt en uit zichzelf vraagt hoe het gaat. Of dat er een collega is die op mijn vraag hoe het met hèm gaat zegt: dat deel ik niet meer met collega's. Of dat ik een opdracht krijg maar dat er na mijn concept geen reactie komt.

Andersom is al langer duidelijk: De werkplek heeft de houdbaarheidsdatum al in het najaar overschreden voor mij. Ik kon mijn plek niet vinden in de organisatie, en had ook steeds minder zin om daar mijn best voor te doen. Ik was al elders aan het rondkijken en solliciteren toen ik de laatste klap op mijn hoofd kreeg. En toen kon ik niet meer weg. Ik had niemand niks niet meer te bieden. En dat heb ik nog steeds niet, denkt mijn negatieve kant. Dat ligt aan de omgeving, zegt mijn positieve kant.

Sinds ik het boek van Ros las geef ik meer toe aan ongemak, aan verwarring, aan concentratiegebrek. Ik download wel oefeningen maar ik doe ze niet, bang om te falen. En bang om weer de competitiedrang met mijzelf niet te kunnen weerstaan. Wie leest nou drie romans per week? En houdt dat bij in allerlei excelbestanden? Waarom en waarom? Ik leer mijzelf nu dat ik niet per se 5 km per uur hoef te lopen. Dat ik me moet richten op aankomen en dat ik dan niet compleet kapot hoef te zijn.

De oogarts was degene die me zei: wat heeft u veel meegemaakt. Net wat ik nodig had nadat die dag weer een collega aan mij voorbij was gegaan. Verwarrend dat de oogarts het zei, en dat ze net iets anders bedoelde. Maar het was wel de zin die ik moest horen.

24 april 2024

Bepakking

Het hoofd doet nog steeds niet wat ik wil. Lezen gaat niet, elke vorm van concentratie ontbreekt. Vorige week heb ik niet één boek uitgelezen, en het gemiddelde van drie per week haal ik al helemaal niet meer.

Volgende week ga ik vijf dagen wandelen op het Twentepad. Erg veel zin in, maar het zijn voor mij pittige etappes (de langsten zijn 22 en 26 km) en ik hoop dat me dat met bepakking gaat lukken. Ik loop nu wel bijna elke dag 5-8 km, om te oefenen, en vanmiddag ga ik voor de 5 km met volle bepakking. Tenminste, als het niet regent. 

Ik heb langs de route hotels met goede restaurants geboekt, dus wat uitrusten betreft zit ik helemaal prima. En het wordt volgende week ook nog beter weer dan nu, wat wil ik nog meer? Ik verheug me er al wekenlang op. En toch is de echte zin in de afgelopen dagen weggezakt.

Gisteren liep ik 8 kilometers, ik droeg mijn nieuwe lichte wandelbroek en dat was met 11ºC zeker in het begin behoorlijk koud. Daarna viel ik thuis op de bank in slaap, werd wakker om te eten, en sliep daarna verder. Mijn rug en spieren doen zeer, wat raar is want ik wandel toch best een aantal kilometers per week. 

Maandag zei de oogarts dat alles goed was met mijn linkeroog en rechterholte, dat er wat beschadigingen op de prothese zaten en verder zag alles er prima uit. Ze adviseerde me om, als ik weer een lens wil, een afspraak te maken met de oculist in het UMCG. Allemaal goed nieuws. Maar ze begon de afspraak met een blik op mijn dossier, zei "Wat heeft u veel meegemaakt", en ik merkte dat iets onbekends in mij die woorden wilde vastgrijpen, wat ik snel opzij duwde omdat het me in verwarring bracht. Het laatste ingrijpende wat ik heb meegemaakt zijn deze drie hoofdklappen in twee jaar tijd, en dat herstel is nog steeds heftig en verwarrend en niet klaar, en dit is het even waar het nu bij mij om gaat. Maar dat is blijkbaar niet zo. Haar woorden raakten me omdat ik het verdwijnen van mijn oog er ineens bij optelde.

Ik wist me geen andere houding te geven dan de hoofdtoestand te melden en te vragen of ze het felle licht in mijn oog wat kon dimmen. Even zakelijk blijven, anders word ik in een groot gat gezogen en verdwijn ik, achter mijn oog aan.

Daarna heb ik gefrustreerd wandelbroeken gepast bij de Bever, en slaagde ik wonderwel met armenvol bij de Decathlon, en voor de powerbank van mijn voorkeur bij de MediaMarkt. Vol, voller, volst, en thuis aten we pizza.

Werk lukt overigens niet. Geen concentratie. Als ik een half uur met een collega praat is dat te veel. Dan schreeuwt mijn hoofd om rust en vinden er interne gesprekken plaats als: Zal ik nu al zeggen dat het genoeg is? Laat ik haar nog haar zin afmaken, of sta ik keihard op en loop ik weg?

Het is tijdens mijn wandelweek geen nieuwe maan, wat ik jammer vind. Nieuwe ideeën bedenken en zaaien zou zo mooi passen bij deze tocht. Dinsdag is het wel Walpurgisnacht. Ook een mooi moment om in het oeroude Twente te zijn. Als Freya en Wodan winterdemonen kunnen verjagen, wie ben ik dan om dat niet ook te doen?

7 april 2019

Happy Hoornvlies

Ondanks dat het gisteren jengelde van vermoeidheid en lamlendigheid geloof ik wel dat het een Happy Hoornvlies is. De vibe is goed ook al voelt dit hele avontuur toch een beetje als een verstandshuwelijk waarbij andere partijen ons samenbrachten, met 22 hechtingen aan elkaar klonken en het nu aan ons overlaten om het verder samen uit te zoeken.
Gelukkig zijn er wel vaker liefdevolle relaties ontstaan uit verstandshuwelijken.

De arts die er zaterdagochtend naar keek was vol optimisme. Ik had het verband er al af mogen halen en kon er zelf niets opwekkends aan ontdekken. Het zicht was mij bijvoorbeeld nog veel te troebel.
Geef het tijd, zei de arts, dit hoort er allemaal bij.
Tweeëntwintig hechtingen, twintig van nylon en twee
van een andere soort (ik onthoud niet álles hoor), mijn mond viel ervan open toen ik dat aantal hoorde.
Ik vind het superstoer.
Wat een gepruts lijkt het me ook om dat netjes voor elkaar te krijgen, ik moet er niet aan denken om met tangetjes en andere verlengstukken miniknoopjes in iemands oog te leggen.
Dat ze alle 22 ook echt hun best doen om ons bij elkaar te houden, merkte ik vanochtend toen ik voor het eerst in weken probeerde of ik wat kon zien. Want ja! van 2 meter afstand zag ik zomaar met mijn rechteroog hoeveel vingers Cor opstak. Vaag, maar toch. Er gloort hoop aan de horizon.

We duimen nu dat de schimmel niet verder het oog is binnengeglipt via de perforatie, die ergens tussen woensdagmiddag en vrijdagochtend is ontstaan. Voor de zekerheid zijn er tijdens de operatie wel wagonladingen van Het Medicijn mee naar binnen gegoten, maar het blijft afwachten.

En nu is het mooi weer, ga ik lekker buiten zitten en geef ik het de tijd.
En vraag ik iedereen om toch alsjeblieft orgaandonor te worden. Echt, je hebt er zelf niks meer aan als je dood bent, en wie weet voor hoeveel gelukkige verstandshuwelijken je zomaar verantwoordelijk kunt zijn.





28 maart 2019

Vette pech


Iemand belde om me ergens voor af te wijzen en toen ik mijn mond opendeed en ‘jammer’ zei schoot het puberjongetje naar voren. Ik wist niet dat het zijn dag was want ik had de hele dag nog niet veel hardop gezegd, behalve aan de telefoon tegen mijn moeder maar dat was voornamelijk reageren op en luisteren naar de bewondering die zij heeft voor mijn vader.
De afwijzer begon zijn afwijzing met veel sympathie te omkleden. Ik schraapte zacht mijn keel en hoestte voorzichtig maar kreeg de puberjongen die mijn stem liet overslaan niet weg.
Dan maar weinig terugzeggen en klinken als een huilebalk en me verheugen op het moment dat we ophangen waarop ik lekker die baard uit mijn keel weg kan schrapen en kuchen.

Ik ben niet goed in huilen. Lydia zocht laatst voor mij naar huil-aanjagers en suggereerde Het Kleine Huis op de Prairie. Grappig dat ze dat noemde, ik had net de dag ervoor gedacht aan het mooie zusje Mary dat blind werd. Maar nee. Die serie doet het niet voor mij. Hello Goodbye zou wel een goed idee zijn. Als ik tv had kunnen kijken.

Er ontsnappen de hele dag door, zonder dat ik daar moeite voor hoef te doen, al genoeg warme tranen uit mijn rechteroog, Mijn rode, opgezwollen, halfdicht-hangende, pijnlijke en blinde oog.
-even wachten-
Nee, zelfs mijzelf zielig maken helpt niet.
Gisteren liet een arts me zien dat het wéér slechter is geworden in plaats van beter, en hij zei tegen me “Ik heb echt met u te doen. Dit is zo’n vette pech!”
Buiten belde ik Cor en herhaalde die woorden. En toen pas merkte ik dat ik het gewoon nog niet kan geloven wat er de laatste weken gebeurt. Dat ik woorden van anderen nodig heb om het juiste perspectief te kunnen zien.
Maar laten we wel wezen: het spel is nog niet uitgespeeld.
Ik krijg maandag nog een injectie; schimmels reageren sowieso traag; de nieuwe massa kan ook bestaan uit toxische stoffen die de schimmel uitscheidt omdat 'ie zich aangevallen voelt (mijn favoriet), en als alles faalt dan is er volgend jaar nog de hoornvliestranplantatie.
Ondertussen kom ik elke dag wel iemand tegen die me vertelt dat ze ook maar 1 goed oog hebben. Ik vroeg Wenda of er een radar bestaat waardoor we elkaar herkennen. Zij heeft dat inderdaad, zei ze.
Ik zie een schone taak voor me om dat te gaan ontwikkelen. 
En als het puberjongetje nou wat vaker verschijnt dan lijkt het tenminste nog wat.