9 mei 2026

Correspondentie

 Op De Correspondent verscheen een artikel over iemand die een hersenschudding had. Paniek, want ja, als het langer dan drie maanden duurt kun je inderdaad toch wat minder dingen dan je daarvoor kon. De schrijfster van het stuk ging in gesprek met wetenschappers die de alternatieve sector verfoeiden, zelf wel wat leuks in de aanbieding hadden, en die meldden dat iedereen beter kan worden. 

In de titel en de leader werd ernaar gerefereerd dat er niet een juiste zorg is voor mensen met PCS, en dat behandelaars al helemaal niet met elkaar samenwerken. Daar ben ik het mee eens.

Maar hoe verder ik in het stuk kwam hoe bozer ik werd. En toen heb ik een reactie achter gelaten onder het stuk. Ik heb nog helemaal niet gekeken of het er nog staat, of verwijderd is of misschien zelf wel boze reacties heeft opgeroepen, dat interesseert me niet. Ik wil niet kijken naar duimpjes omhoog of omlaag, ik reageerde echt alleen om mijn zegje te doen. Is dat raar?

Wat ik schreef is het volgende:

Ik word heel boos om dit artikel. Twee wetenschappers die afgeven op het ‘alternatieve circuit’, terwijl het reguliere en vergoede circuit zelden een antwoord heeft, maar nee verder kijken dan de geijkte neus lang is kunnen we natuurlijk niet hebben. Wel: Gebruik mijn app, kom naar mijn praktijk. Ammehoela.

Lisanne had er goed aan gedaan andere ervaringsdeskundigen te spreken.

We mogen niet accepteren dat we niet meer beter worden? Lekker dan. Want hoe worden we dan precies wél beter? Een ergotherapeut en een psycholoog en een haptotherapeut (ja, die heb ik natuurlijk ook allemaal gehad) kunnen alleen handreikingen geven, mijn hoofd moet het zelf doen. Alleen: voor zover mijn hoofd dat kan. Als het niet lukt moet je inderdaad leren leven met die beperkingen. Dat je bijvoorbeeld accepteert dat de woorden halverwege een gesprek ineens op zijn en je gaat raaskallen, of dat je nog steeds niet zonder een lichaam vol stress kunt koken. Of dat een uitleg, van wat dan ook, zorgt voor paniek.

Ik moet hier niet alleen meer leren leven, ik moest ook rouwen om wat ik ben kwijtgeraakt: een hoofd dat snel en alert werkte, dat plannen kon schrijven en begrijpen, dat überhaupt kon werken.

Lees eens de boeken van Margôt Ros (Hersenschorsing), van Frank Willem Hogevorst (NAHgenoeg niets te zien), van Lidewey van Noord en Philippine Putman Cramer (Herstelwerkzaamheden) of van Hans van Dam (Een lepel in de soep).

Begrijp eens die zin uit je eigen artikel dat de ene patiënt niet de andere is.

Leg niet de schuld bij de ‘hersenschudders’ (wat is dat nu weer voor woord?) als we niet beter worden of als het heel veel tijd kost om weer normaal te kunnen functioneren. Bah. Alsof we ons naar onze sociale en werkomgeving al niet schuldig genoeg voelen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten